concert

  • Print

    2013 :: Het Pianomeisje

    black sabbath, 13, vinyl

    Ik heb eigenlijk geen zin om terug te blikken op dit godverdomse, godvergeten 2013. De ellende die ik meegemaakt heb, was zo groot dat het de lichtpunten overschaduwt. 2013 was nog verschrikkelijker dan het verschrikkelijkste schrikkeljaar. Nadat ikzelf de Dood had gevoeld, heb ik de Dood nu ook aan het werk gezien bij een dierbare. Ik verzeker u: het was geen prettig zicht. Ik werd voor het eerst in m'n leven van zeer nabij geconfronteerd met kanker. Zowel de moeder van mijn beste vriend als mijn eigen schoonvader moesten de Pest van deze tijd ondergaan en gingen er in het begin van dit jaar aan ten onder. Een dierbare letterlijk zien opgevreten worden door kanker maakte me verdrietig en agressief tegelijk. Het deed ook oude vragen bij me oprijzen. Wat had een goeie mens als mijn schoonvader misdaan om kanker te krijgen? Was het omdat ik het mijn rotzak van 'n vader constant had toegewenst de laatste jaren? Of dat al dan niet de reden is, maakt me niks uit; ik wens het mijn vader nog altijd van harte toe. Maar ook algemene, filosofische vragen doemden opnieuw op in dat warhoofd van me: Wat is dit leven eigenlijk waard? Leven we om te lijden? Waarom zit je een leven lang te ploeteren om op het einde bedankt te worden met kanker? God is een idioot, was mijn conclusie. Of God is echt dood, zoals Black Sabbath dit jaar stelde op hun ijzersterke comebackplaat '13'. Welnee, er is helemaal geen God. Er is alleen het Grote Niets. Ons hele leven zijn we bezig met Niets. Waarom verzamel ik al die platen eigenlijk? Na m'n dood ben ik er Niets meer mee. Alles lijkt zo zinloos geworden sinds de dood van mijn schoonvader in maart. Zelfs het kopen, verzamelen en beluisteren van platen. Toch ben ik precies vanwege die ellende helemaal weggevlucht in de muziek. Zodoende heb ik dit jaar geen tv-serie gevolgd, slechts één keer bewust een tv-programma bekeken (de Panorama uitzending over Amazon op de BBC) en nauwelijks films bekeken. Het Journaal kon me al helemaal gestolen worden. Ik volgde de actualteit slechts zeer oppervlakkig via facebook en dat was al deprimerend genoeg. Door me volledig op de muziek te storten, heb ik overdreven veel muziek gekocht. Ziekelijk veel. 

    De voorbije jaren kregen jullie hier de exacte cijfers over mijn muziekaankopen, maar dit jaar ga ik dat niet doen. Ik zocht meer dan ooit troost in muziek en ik kocht platen en cd's met hopen tegelijk. De verleiding was dan ook groot: begin dit jaar ging ik in op een aanbod dat ik niet kon afslaan op 2dehands.be. Nadien kon ik niet weerstaan aan de 50% korting die de oude Music Mania in Gent op hun hele stock gaf naar aanleiding van de verhuis naar hun nieuwe locatie. Twee weken voordien had ik me nog volledig laten gaan tijdens Record Store Day en een aanzienlijk deel van de speciale RSD-releases aangeschaft. In de zomer ontdekte ik de Vinyl Kitchen in Gent. Gewapend met twee grote Delhaizezakken ging ik die winkel binnen, maar ik wandelde terug buiten met een enorme kartonnen doos gevuld met LP's. En dan waren er nog de talloze aankopen online: de '3 cd's voor 15 euro'-sectie op Amazon heb ik in de loop van het jaar zowat geplunderd. Aangezien mijn dag ook maar 24u telt, bleef een groot deel van die gigantische stapel muziek uiteraard onbeluisterd en ik vraag me af of ik die dingen überhaupt ooit nog beluisterd krijg. 

    Voor het eerst kocht ik veel meer oude muziek dan nieuwe, maar toch kocht ik ook een record aantal nieuwe releases. Nooit eerder kocht ik zoveel nieuwe releases als dit jaar en nu pas besef ik dat het er veel te veel waren. De helft beluisterde ik dan ook slechts één keer. Hardrock, pop, metal, rock; ik kocht het allemaal dit jaar. Maar in tegenstelling tot vorig jaar waren het net die platen die ik maar één keer beluisterde. Ik greep altijd terug naar mijn nieuwe americana-, singersongwriter- en folkaankopen. De uitzondering op de regel was '13' van Black Sabbath. Die plaat blies wat mij betreft de betonnen concurrentie weg en eigenlijk had ik dus genoeg aan die ene harde plaat. Maar voor de rest regeerden dit jaar vooral de banjo's, mandolines, akoestische gitaren en de verhalen van zeurende zageventen en zemeltrienen @ Roen's Ranch. Dat luistergedrag vertaalt zich dan ook in mijn jaarlijst. Verwacht daarom geen Arcade Fire, Vampire Weekend of Kings Of Leon in mijn jaarlijst. Ik kocht die platen allemaal, vind ze best goed, maar er ontstond geen emotionele band.

    sixto rodriguez, cold fact, vinyl, sugar man

    De ontdekking van het jaar was wat mij betreft Sixto Rodriguez. Begin dit jaar schafte ik me de muziekdocu 'Searching for Sugar Man' aan; een fascinerende docu die me met verstomming geslagen heeft. "Hoe is het mogelijk dat dit in deze tijd nog kan?", dacht ik na het bekijken ervan. Ondertussen kent iedereen het verhaal natuurlijk, wat ervoor zorgde dat Rodriguez in de zomer op een aantal grote festivals geprogrammeerd stond. Maar voor zij die het voorbije jaar in Syrië streden: Rodriguez maakte in de vroege jaren '70 twee lp's die voor geen meter verkochten. Behalve in Zuid-Afrika. Daar behoren 'Cold fact' en 'Coming from reality' tot de doorsnee platencollectie en staan ze pakweg tussen 'Abbey road' en 'Dark side of the moon'. Zijn muziek werd immers, zonder dat hij daar ook maar iéts van wist, dé soundtrack voor de blanke Zuid-Afrikaanse protestgeneratie. Van zijn beide platen werden er zowat een miljoen exemplaren verkocht in Zuid-Afrika en wellicht nog veel meer, want de bootlegmarkt tierde welig in dat land. Zijn Amerikaanse platenfirma beweert nooit een cent gezien te hebben van die verkoop, laat staan Rodriguez zelf. Rodriguez werd een halfgod in Zuid-Afrika, temeer omdat hij zelfs dood gewaand werd door zijn Zuid-Afrikaanse fans. De mythe ging dat hij zichzelf in brand gestoken had tijdens een concert. Totdat een Zuid-Afrikaanse platenboer en een muziekjournalist op zoek gingen naar hun held Rodriguez. Tot hun eigen stomme verbazing vonden ze Rodriguez levend en wel terug in Detroit waar hij al jarenlang in alle anonimiteit leefde als bouwvakker. Hij had de muziekindustrie al lang vaarwel gezegd, maar dankzij het succes van de muziekdocu en de reissues van zijn beide platen kreeg hij de smaak opnieuw te pakken om terug te gaan optreden. Rodriguez zal overigens concerteren in de AB op donderdag 3 en zaterdag 5 april 2014; concerten die meteen uitverkocht waren. Zelf weet ik nog niet of ik zal gaan. Niet dat ik tickets heb voor één van die uitverkochte concerten, want aan tickets geraak je sowieso nog wel. Maar zijn passage bij Jools Holland in't begin van het jaar deed de mythe wat verbleken. Ik weet dus niet of het wel zo'n goed idee is om Rodriguez live te gaan zien. Soms heeft een mens genoeg aan de mythe, de platen en een heerlijke muziekdocu. Dat verhindert de kans op een teleurstelling.

    bill fay, life is people, vinyl

    Ook dé ontdekking van vorig jaar zinderde dit jaar nog behoorlijk na. In de periode rond het overlijden van mijn schoonvader vond ik namelijk veel troost bij het magistrale 'Life is people' van Bill Fay. Ik besefte toen pas de diepere betekenis van die plaat. Vorig jaar begreep ik de plaat nog niet en gaf ik ze een onterechte anonieme plaats in mijn jaarlijst. Het is dan ook doodjammer dat ik een dramatische gebeurtenis nodig had om de kracht, de betekenis en de schoonheid van die plaat te ontdekken. Eigenlijk zou 'Life is people' dit jaar dus mijn jaarlijst moeten aanvoeren, maar mijn eigen opgelegde regels omtrent het opmaken van een jaarlijst beletten dat. Zoals steeds geldt ook dit jaar weer dat enkel nieuwe studioreleases uit 2013 aanspraak maken op een plaats in mijn jaarlijst. 

    lake forest, silver skies, will whitwham

    Je zal daarom ook de plaat die ik dit jaar het meest beluisterd heb niet terugvinden in mijn jaarlijst. Dat was 'Silver skies' van Lake Forest (de nom de plume van de Canadese singer-songwriter Will Whitwham), dat jammer genoeg dateert van 2012. Toch wilde ik het hier even apart vermelden omdat het zo'n bloedmooie plaat is. Net zoals Tony Dekker van Great Lake Swimmers is ook Will Whitwham een eenzaat die de rust en de stilte van de natuur opzoekt en over dat escapisme vervolgens verhaalt in z'n muziek. Het winterse tafereel op de hoes van 'Silver skies' verraadt dan ook de sombere, rustige sfeer van de plaat. 

    jeffrey foucault, hayward williams, naked song, 2013

    Ik ontdekte Lake Forest overigens dankzij het Naked Song festival in Eindhoven. Het was de vierde opeenvolgende keer dat ik dit Best Kept Secret in festivalland bezocht en net zoals de drie voorgaande jaren heb ik ook nu weer genoten van de unieke, rustige sfeer van dit festival dat doorgaat in diverse locaties in het prachtige Muziekgebouw Frits Philips. Zoals ieder jaar bood Naked Song ook nu weer een perfecte mix van gevestigde waarden en beloftevol jong talent. Lake Forest behoorde dus tot die laatste categorie, net als Dylan Sneed en Broken Twin die me ook van hun muzikale capaciteiten overtuigden en waarvan ik benieuwd ben naar hun verdere muzikale ontwikkeling. Verder zag ik op Naked Song eindelijk enkele muzikale helden die ik voordien nog nooit live zag. Zo was het duoconcert van Jeffrey Foucault en Hayward Williams één van de allermooiste concerten van het jaar. Ron Sexsmith was dan weer een openbaring voor me. De man kon me voordien nooit overtuigen op plaat, maar nu ik hem live aan het werk gezien heb, heb ik mijn mening helemaal moeten herzien. Ron Sexsmith is na bijna 20 jaar alsnog een muzikale held geworden. Dankzij Naked Song.

    sam baker, chip dolan, carrie elkin, meneer frits, eindhoven

    Andere muzikale helden die ik dit jaar voor het eerst live zag, waren ondermeer Grayson Capps, Sam Baker en Jimmy LaFave. Grayson Capps zag ik in het oergezellige, oerhollandse café Guulke in Nederweert en hield me de volle  twee en een half uur lang in de ban met zijn tot de verbeelding sprekende story tellin' en wondermooie, uit het leven gegrepen americanasongs. Maar ik was pas helemaal in de americanahemel op zondag 15 en maandag 16 september. Op zondag stond Jimmy LaFave met z'n band indrukwekkend en onvergetelijk te wezen in de night club van Roepaen in Ottersum. Een dag later zorgde Sam Baker, met de muzikale hulp van Chip Dolan en Carrie Elkin, voor mijn persoonlijke Townes Van Zandt-moment (jammer genoeg zag ik Townes nooit live toen het nog kon). Toevallig of niet, maar ik zag Sam net zoals vorig jaar op 16 september. Zo indrukwekkend als exact een jaar voordien in de Roepaenkapel werd het echter nooit, doch ook in de intieme gezelligheid van het Meneer Frits-café in Eindhoven was de doodbrave en superlieve Sam nog altijd even hartverwarmend. Wàt een persoonlijkheid, wàt een charisma en vooral: wàt een hard leven heeft die mens toch meegemaakt zeg. Een leven dat ertoe geleid heeft, dat hij de laatste tien jaar pas, in de herfst van zijn leven, aan een muzikale carrière is kunnen beginnen. 

    elliott murphy, olivier durand, the normandy all stars, nas, lillers, spirit of 66, verviers, moerbeke, dirk huntiboy

    Uiteraard zag ik dit jaar ook een handvol concerten van Elliott Murphy & The Normandy All Stars. Meimaand was Murphymaand, want in mei zag ik drie opeenvolgende Murphyconcerten in evenveel dagen. Ik moet ondertussen al rond de 100 concerten gezien hebben van mister Murphy, maar toch kunnen Elliott & co me soms nog verrassen. Zo beleefde ik nog eens een écht uniek Murphy-moment in een huiskamer in Moerbeke, want dat was de eerste keer dat ik Elliott solo zag en tot mijn eigen stomme verbazing kon Elliott z'n vaste rechterhand Olivier Durand vrij moeiteloos doen vergeten. Elliott z'n liedjes blijven ook zonder het geweld van gitaarheld Olivier Durand fier overeind. Elliott Murphy & The Normandy All Stars zijn overigens nog altijd op hun best in een bomvolle, kleine, bruine kroeg en dat was dit jaar niet anders in een cafeetje in het Noord-Franse Lillers. Het stampvolle rokerscafé en een weggegooide setlist resulteerde in veel sfeer en alweer een groots, onvergetelijk Elliott Murphy-concert dat ik inmiddels bijgezet heb in mijn Eregalerij Elliott Murphy Concerten. De generale repetitie voor dat fantastische concert had ik de dag voordien gezien tijdens Elliott z'n jaarlijkse passage in de Spirit Of 66 in Verviers. Niet dat het daar slecht was, Elliott is nooit slecht in de Spirit, maar toch was het dit keer eerder gewoontjes. Kwam het doordat de Spirit deze keer nog niet halfvol was geraakt? Zeer vreemde ervaring was dat om Elliott in "zijn Belgische thuisstad" Verviers, dat tot een paar jaar geleden nog hét jaarlijkse Elliott Murphy-bedevaartsoord was, in een zo goed als lege zaal te zien. De kerken lopen inderdaad leeg, meneer...

    De kerk van Wespelaar liep dan weer vol voor een hartverwarmend concert van US Rails op een barkoude vrijdagavond diep in de maand mei. Uitgerekend in de kerk van Wespelaar of all places startte de Europese tournee van US Rails ter promotie van hun derde plaat 'Heartbreak superstar'. US Rails is overigens een uit het goede hout gesneden supergroep die de vergeten singersongwriters Ben Arnold, Joseph Parsons, Tom Gillam, Scott Bricklin en Matt Muir verenigt. Ben Arnold was in 1996 even de talk of the town en de muziekbladen bedolven hem toen onder de superlatieven voor zijn droom van 'n debuutalbum 'Almost speechless'. Maar vrijwel meteen nadien stokte zijn muziekcarrière en bleef zijn succes beperkt tot een kransje muziekfijnproevers. Arnold & co zetten de kerk van Wespelaar in vuur en vlam met hun meerstemmige West Coast rootspop, die je de ene keer deed denken aan iets van Crosby, Stills, Nash & Young, de andere keer aan iets van de Eagles en in het slechtste geval aan iets van Venice. 

    jason isbell, amanda shires, botanique, brussel

    Over West Coast rootspop gesproken: de oerkracht van orkaan Israel Nash Gripka bezorgde me in het voorjaar zoals steeds een Goed Gevoel. De voorbije 4 jaar zag ik Gripka steeds in kleine zaaltjes, maar met zijn derde formidabele plaat 'Rain plans' lonken de grote zalen. Deze keer zag ik hem nog in de kleine zaal van het Parkstad Limburg Theater in Heerlen, maar volgende keer zou het wel eens de AB kunnen zijn. Zeker nu hij dezer dagen met een grote band als Midlake op tournee is. Datzelfde Goed Gevoel kreeg ik vervolgens nog 'n paar keer: een tweede keer in Theater De Wegwijzer in Nieuw- en Sint Joosland tijdens het liefdevolle concert van Birds Of Chicago, ofte het echtpaar Allison Russell & JT Nero. Voor de gelegenheid werden zij begeleid door Peter Mulvey die ook het voorprogramma verzorgde. Toegegeven, ik had Mulvey tot dan toe altijd onderschat. Ik kende Mulvey vooral van z'n werk voor Jeffrey Foucault, kocht ooit één soloplaat van hem, en maakte op basis daarvan de onterechte conclusie dat hij toch een minder talent is dan zijn poulain Foucault. Heb ik me daar even in vergist zeg. Foucault leerde het vak van Mulvey, en dat was er duidelijk aan te horen. Ik ga nu niet beweren dat Mulvey eigenlijk de meerdere is van Foucault, maar de minder bekende leermeester onderstreepte toch fijntjes dat hij niet moet onderdoen voor zijn bekendere poulain. En de derde keer tenslotte, dat ik met een Goed Gevoel richting huiswaarts ging na een concert, was dankzij het hemelsmooie americanaconcert van Jason Isbell en zijn eega Amanda Shires in de gezellige kelder van de Botanique. Het was enkele jaren geleden een risicovolle carrièremove van Jason Isbell om zijn werkzekerheid bij de Drive-By Truckers op te geven en te beginnen aan een solocarrière, maar de tijd heeft hem gelijk gegeven. Isbell tekende niet alleen voor één van dé concerten van het jaar, maar met 'Southeastern' ook voor één van dé platen van het jaar. 

    richard thompson, olt, rivierenhof, 2013, deurne

    In de zomer zag ik Richard Thompson voor de tweede keer in het Openluchttheater Rivierenhof in Deurne. De oerkracht van de folkmuziek van Richard Thompson en het feëerieke decor van het OLT bleek net als enkele jaren geleden een magische combinatie die leidde tot alweer een betoverend concert. In datzelfde OLT zag ik in augustus ook de ronduit indrukwekkende Avett Brothers. Jammer genoeg hadden de organisatoren Martha Wainwright toegevoegd aan de affiche. Als publiekstrekker wellicht, want je zag dat de meeste bezoekers gekomen waren voor Wainwright. Onbegrijpelijk overigens, want Martha'ke werkte ferm op mijn zenuwen met haar irritante, valse geschreeuw en amateuristische derderangsliedjes. Door die ongelukkige organisatorische ingreep kregen we na Martha'ke slechts een anderhalf uur durend concert van The Avett Brothers in plaats van hun full show. Ik vergeef het de organisatie van OLT nooit. De teleurstelling was zo groot dat ik nadien zo ontmoedigd was om nog naar andere geplande concerten in het OLT te gaan. Gelukkig was Martha Wainwright de enige, letterlijke valse noot in mijn voor de rest magische concertjaar. 

    transatlantic session, gentse feesten, nils de caster, bruno deneckere, jon langford, rawhide, ht roberts, perry rose

    Pure magie zag ik ontstaan tijdens dé Belevenis van het jaar en dat was het concert van Neil Young & Crazy Horse in Vorst Nationaal. De energieke, onvermoeibare 68-jarige Neil Young en zijn minstens even oude Zotte Knollen draafden als jonge, wilde Buffalo Spring-in-'t-velden over de prairie van Vorst Nationaal en vertrappelden de herinnering aan de jonge schoothondjes van Fleet Foxes die ik in 2011 op datzelfde podium zag. Ik heb de negatieve kritiek op onze Nationale Bunker overigens nooit begrepen. Nooit beleefde ik er een slecht concert. Slechte klank is vooral te wijten aan slechte geluidstechnici, niet aan een zaal. Zo had ik vorig jaar de Lotto Arena afgeschreven na het barslechte geluid van het voor de rest uitstekende concert van Jack White. Die mening werd dit jaar teniet gedaan door de geluidsmagiër van Nick Cave & The Bad Seeds. Dat concert was puur geluidstechnisch gezien misschien wel één vande allerbeste die ik ooit meegemaakt heb. En in mijn Concertlijst Aller Tijden prijkt dit concert van Nick Cave & The Bad Seeds zelfs torenhoog bovenaan. Nick Cave & The Bad Seeds waren verpletterend, beklemmend, hemelbestormend; een exorcisme dat de horrorclassic The Exorcist devalueert tot een feelgood Disney familiefilm. 

    Maar het concert dat me het meest ontroerd heeft dit jaar was een verrukkelijk miniconcert in besloten kring van een vooralsnog onbekend jong Pianomeisje. De vorige keer dat ik het Pianomeisje aan het werk hoorde, was in de zomer, toen ik toevallig de hemelse pianoklanken uit haar slaapkamer hoorde druppelen. Ze vertrouwde me nadien toe dat ze via haar piano haar gedachten en gevoelens helemaal kwijt kan. Dat was gezien haar betoverende miniconcert niet overdreven. Het Pianomeisje haar magische vingers streelden over de toetsen van haar klavier en zo gaf ze me een blik in haar hart en ziel én bespeelde ze het klavier van mijn gemoed. Haar in muziek vertaalde emoties hebben me diep geraakt en bezorgden me kippenvel dat bij iedere gespeelde noot in rotten van drie over mijn rug en armen rolde. Het Pianomeisje is eigenlijk een groter talent dan haar leeftijdsgenote Birdy Jasmine van den Bogaerde, want zij is een ongeslepen natuursteen. Men heeft haar proberen te slijpen, maar men is daar gelukkig niet in geslaagd. Echt talent laat zich immers niet slijpen. Of de wereld ooit zal kunnen meegenieten van haar uitzonderlijke muzikale talent valt nog af te wachten, maar ik betwijfel het. Het Pianomeisje is daar immers veel te nuchter voor. Ze staat te zeer met beide voeten op de grond om zoiets banaals als wereldroem te ambiëren. Wie net als ik het geluk en het privilege zal hebben om haar ooit te mogen horen spelen, zal zich nadien een Uitverkorene en een Gelukkig Mens voelen en vervolgens nog dagenlang op een gelukzalige wolk drijven. Het Pianomeisje laat dan ook een onuitwisbare indruk na op je hart en ziel.

    graham parker, minard, gent, 2013

    Heb ik nog meer concerten gezien? Jazeker. Tot de beste en de mooiste concerten van het jaar behoren ook nog de bijzonder beladen, sfeervolle concerten van Mark Lanegan in het prachtige Flagey gebouw en Tindersticks in het Koninklijk Circus. En in de zomer was er het unieke concert van de gelegenheidsgroep Transatlantic Session tijdens de Gentse feesten in, euhm, Gent. Dit was eigenlijk de Broken Circle Bluegrassband voor gevorderden. Onder leiding van orkestleider Nils De Caster bracht goed volk als Bruno Deneckere, HT Roberts, Perry Rose, Jon Langford en de leden van Rawhide prachtig uitgevoerde covers van americana classics en American folk traditionals. Zij bezorgden mij en de talrijke aanwezigen een zomeravond om nooit meer te vergeten. Maar er waren nog véél meer concerten die niet vergeten mogen worden. Zoals het ontroerende soloconcert van Tony Dekker (de frontman van Great Lake Swimmers) in een mooi verstopt zaaltje in hartje Elsene, een grootse Graham Parker in de prachtige Minard-schouwburg in Gent, een ongelooflijk indrukwekkende David Eugene Edwards en de rest van zijn Wovenhand in Leuven (de Schauwvlieggeluidsnorm werd tijdens dat concert ruimschoots overschreden), het legendarische, machtige Irish Coffee in Verviers, de gesjeesde predikanten van Slim Cessna's Auto Club in Lessines, het fenomeen Ben Caplan in Gent, de verrukkelijke Tift Merritt in de Botanique, de hartelijke Josh Ritter in diezelfde Botanique, de Drie Dolle Toogenblik Avonden Doorheen-het-jaar met Dave McGraw & Mandy Fer, Greg Trooper en Tim Easton,...

    Is het eigenlijk al iemand opgevallen dat ik nog geen enkele keer de AB vermeld heb? Wel, ik ben dit jaar slechts één keer in de AB geraakt. In februari, tijdens Die Trieste Dagen van Doffe Ellende, zochten en vonden mijn beste vriend en ik troost dankzij het schitterende concert van Angus Stone en de verrassend sterke Tom Freund die als voorprogramma de hele zaal op zijn hand kreeg. Maar voor de rest kon de programmatie van de AB me gestolen worden. Ik ben die zaal stilaan beu geworden en dat is vooral te danken aan de arrogantie van de overijverige medewerkers en de strenge sfeer die er heerst in't algemeen. De AB mag wat dat betreft gerust eens een voorbeeld nemen aan het vriendelijke, sfeervolle karakter van de veel gezelligere Botanique. Bovendien sprak de AB-programmatie me dit jaar niet echt aan, maar toch heb ik enkele concerten laten varen precies omdat ze in de AB doorgingen. 

    Maar ik ben hier al enkele bladzijden aan het afwijken, geloof ik, wat maakt dat dit nu toch wel een érg uit de hand gelopen voorwoord op mijn album top 50 van 2013 is geworden. Ondanks het feit dat ik blij ben dat dit rotjaar bijna achter de rug is, wilde ik ook dit jaar afsluiten met mijn traditionele jaarlijst, want mijn jaarlijst is de peiler van mijn geheugen. Het is een hulpmiddel tegen de dementie. Want dementie zal hoe dan ook toeslaan in mijn hoofd. Langs mijn moeders kant sterven ze immers allemaal aan dementie. Ik vind het daarom een belangrijke reden om toch maar weer een jaarlijst te maken. Omdat het me helpt te herinneren. Maar omdat ik veel te veel muziek gekocht en beluisterd heb, is het nooit eerder zo moeilijk geweest om een jaarlijst samen te stellen. Voorgaande jaren schreef een jaarlijst zichzelf, maar dit jaar heb ik voor het eerst écht moeten nadenken, puzzelen, wikken en wegen. Het resultaat is wat het is en zal er morgen of volgende week niet anders uitzien. Mijn jaarlijst zoals ik hem hier zal publiceren is de enige juiste, omdat hij exact de soundtrack bij mijn 2013 weergeeft.